vrijstelling
vrouwelijk (de)/ˈvrɛistɛlɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het vrijstellen of vrijgesteld zijn
- (juridisch) eigen risico bij verzekering
Etymologie
* van vrijstellen
Vertalingen
Spaansfranquicia
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
* van vrijstellen