vrouw
vrouwelijk (de)/vrɑu/
Wat is de betekenis van vrouw?
vrouw betekent: (biologie) volwassen mens van het vrouwelijk geslacht
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (biologie) volwassen mens van het vrouwelijk geslacht
- (pregnant), (familie), (juridisch) vrouwelijke partner in een blijvende relatie
- (verouderd), (maatschappij) iemand van het vrouwelijk geslacht met veel aanzien, met een hoge maatschappelijke stand (bijv. van adel)
- (kaartspel) speelkaart waarop een vrouwelijke figuur (vaak een koningin) staat afgebeeld
Voorbeelden van "vrouw" in een zin
- De vrouw schrok. 'Wat doèn jullie hier?'
- Hier was het nog lastiger omdat er twee mensen naast mij lagen, waarvan één tot overmaat van ramp de enige aanwezige vrouw was.
- Op het feest werd ik aan zijn vrouw voorgesteld.
Etymologie
*[4]: in de betekenis ‘speelkaart met vrouwfiguur’ aangetroffen vanaf 1712.
Vertalingen
Engelswoman, wife
Fransfemme, verlan, meuf
DuitsFrau, Frau, Ehefrau
Spaansmujer, hembra, mujer
Italiaansdonna, moglie
Portugeesmulher, mulher
Russischженщина
Japans女, 夫人, 妻
Turkskadın
Poolskobieta, żona
Zweedskvinna, fru, hustru
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek