waag

mannelijk/vrouwelijk (de)/ʋaːx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plaats waar vroeger van overheidswege handelsgoederen gewogen werden, waaggebouw
  2. toestel om te wegen, weegschaal

Etymologie

* In de betekenis van ‘weegtoestel’ voor het eerst aangetroffen in 901

Vertalingen

Engelsscales
Spaansbalanza