wad

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. geologie (geologie) een bij eb droogvallend buitendijks gebied
    Het wad is het tehuis van een groot aantal levende wezens.

Etymologie

*Van Oudnederlands wada, Protogermaans *wada- (Latijn: vadum). Tevens verwant met waden. In de betekenis van ‘doorwaadbare plaats’ voor het eerst aangetroffen in 107, in de plaatsnaam .

Vertalingen

Engelsflat
DuitsWatt
Spaansllanura de marea