wagenwiel
onzijdig (het)
Wat is de betekenis van wagenwiel?
wagenwiel betekent: het houten wiel van een wagen of kar
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het houten wiel van een wagen of kar
- een vroegchristelijk symbool, het IX monogram
Voorbeelden van "wagenwiel" in een zin
- Hanen in de ring, door mensen gespeeld. Flitsende sikkels aan de enkels, als de draaiende messen van een Romeins wagenwiel.
- Sinds 1832 was kasteel Nettelhorst al onbewoond, na de sloop van het grootste deel van het kasteel tussen Borculo en Zwiep in 1875 zelfs onbewoonbaar. Een ooievaarspaar brengt daar nu verandering in. Het stel is aan een nest begonnen op de restanten van de in 1884 gedeeltelijk ingestorte traptoren. Het is een woning op stand, waar geen wagenwiel op een paal aan kan tippen.
Veelgestelde vragen over wagenwiel
Wat is de betekenis van wagenwiel?
wagenwiel betekent: het houten wiel van een wagen of kar
Hoeveel betekenissen heeft wagenwiel?
wagenwiel heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft wagenwiel?
wagenwiel is een onzijdig (het).
Wat zijn synoniemen van wagenwiel?
Synoniemen van wagenwiel zijn: karrenwiel, zonnewiel.
Hoe gebruik je wagenwiel in een zin?
Voorbeeld: “Hanen in de ring, door mensen gespeeld. Flitsende sikkels aan de enkels, als de draaiende messen van een Romeins wagenwiel.”
Vertalingen
Engelscarriage wheel, cartwheel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek