wansmaak
mannelijk (de)/ˈwɑnsmak/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- met een slecht esthetisch gevoel; met een slechte, ordinaire weinig ontwikkelde smaak„Walgelijk”, reageert de één. „Dit is waarom ik dat blad niet meer lees. Wansmaak is één ding. Maar dit zijn gevaarlijke waanideeën”, reageert een ander.de Telegraaf 31 augustus 2017Ze hebben niet zoals een Porsche of een Jaguar een chique historie of status, het zijn vooral rijdende tijdsbeelden. Gewone auto’s uit de seventies die net als de Niva niet uitblinken in schoonheid, maar die vooral de smaak (of moet ik zeggen de wansmaak?) van de jaren zeventig weerspiegelen.de Telegraaf 2 maart 2017
Vertalingen
Engelstastelessness, lack of taste
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek