warmte
vrouwelijk (de)/ˈwɑrᵊmtə/
Wat is de betekenis van warmte?
warmte betekent: de mate waarin het weer warm is
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de mate waarin het weer warm is
- (thermodynamica) de hoeveelheid thermische energie
- (psychologie) aangenaam gevoel van energie
Voorbeelden van "warmte" in een zin
- De warmte was de laatste tijd moeilijk te verdragen.
- De koude berglucht had de lente op deze hoogte wat vertraagd, maar door de warmte liepen nu ook de bergbloemen allemaal uit.
- De lucht was zwoel, de aarde gaf nog steeds warmte af.
- Maar als ze roerloos lagen te zonnebaden, waren ze juist heel uitgebalanceerd, deze pragmatisten van de natuur, en zogen ze de warmte van de zon op.
- ' Een aangename warmte verspreidde zich door mijn buik, en ik kon de glimlach in mijn stem niet verhullen.
Etymologie
*Afgeleid van warm .
Vertalingen
Engelswarmth, heat
Franschaleur, chaleur
DuitsWärme, Wärme
Spaanscalor, calor
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek