weekdag

mannelijk (de)/ˈweɡdɑx/

Wat is de betekenis van weekdag?

weekdag betekent: (tijdrekening) een doordeweekse dag en kan betreffen maandag, dinsdag, woensdag, donderdag of vrijdag

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. tijdrekening (tijdrekening) een doordeweekse dag en kan betreffen maandag, dinsdag, woensdag, donderdag of vrijdag
  2. elk van de zeven dagen van de week

Voorbeelden van "weekdag" in een zin

  • Op een weekdag moet ik werken.
  • De weekdag kan worden bepaald aan de hand van de datum.