weerlegging

vrouwelijk (de)/werˈlɛɣɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een betoog waarmee men iets weerlegt
    Zijn argumenten waren niet erg sterk, want er waren veel weerleggingen.

Etymologie

* van weerleggen

Vertalingen

Engelsrefutation
Fransréfutation
DuitsWiderlegung
Spaansrefutación