wegvaren

/ˈwɛxfarə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. scheepvaart, intr (scheepvaart) (intr) met een vaartuig weggaan
    Toen ik helaas jouw sterke schip zag wegvaren en ik achterbleef, voelde ik me erg ellendig.

Vertalingen

Spaanszarpar