weinig

onzijdig (het)/ˈwɛinəx/

Betekenis

telwoord
  1. in een kleine hoeveelheid, niet veel
    Er is nog maar weinig boter over
    Er was weinig tot geen beschutting tegen de bloedhete zon en ik klapte al snel mijn zilveren paraplu uit.
  2. in een klein aantal
    Er zijn nog maar weinig mensen hier.
    Er zijn hier weinig toeristen.
  3. (bij wijze van "understatement") geen
    Ik heb weinig zin om mijn vingers daaraan te branden.
zelfstandig naamwoord
  1. kleine hoeveelheid

Etymologie

* van wenen

Vertalingen

Engelslittle, few
Franspeu, peu
Duitswenig, wenige
Spaansescaso, limitado, poco