wetenschap

vrouwelijk (de)/ˈwetə(n)ˌsxɑp/

Wat is de betekenis van wetenschap?

wetenschap betekent: het weten van de mens; georganiseerde kennis in de samenleving

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het weten van de mens; georganiseerde kennis in de samenleving
  2. de georganiseerde activiteit tot het vergroten van kennis en begrip, op wetenschappelijk niveau
  3. zekerheid

Voorbeelden van "wetenschap" in een zin

  • De tweede termijn van de Amerikaanse president Donald Trump is begonnen met een ongekende aanval op de wetenschap. [https://www.nu.nl/klimaat/6345927/minder-geld-en-censuur-nederlandse-wetenschappers-in-vs-in-tijdperk-trump.html www.nu.nl (15 feb 2025)]
  • Naast de wetenschap begon ik daarom steeds beter te kijken naar mijn eigen gezin - en naar wat het betekent dat dit nu uit vier leden bestaat (hoofdstuk 5).
  • De rook van verbrand hout prikte in de ogen van de paar mensen die het gewone leven weer probeerden op te pakken, voordat het hele dorp in een toestand van ongemakkelijke verdoving verviel, in de wetenschap dat represailles niet zouden uitblijven.
  • `Onze gasten kunnen gerust slapen in de wetenschap dat hun vertrekken duchtig worden bewaakt; zei Montebello. `Om zich toegang te verschaffen tot de bovenverdiepingen dient men te passeren tussen de hybride verschijningsvorm van de angst en het verraderlijk spinnende poesje dat voor raadselen stelt, die respectievelijk staan voor het weinig realistische zelfbeeld van de man en het wezen van de vrouw, als u het mij toestaat u te amuseren met mijn dilettantisme op het gebied van de symboliek.

Etymologie

*Afgeleid van weten en .

Vertalingen

Engelsscience, humanities, science
Fransscience, connaissance, science
DuitsWissenschaft
Spaansconocimiento, ciencia
Italiaansscienza
Turksbilim, ilim
Poolsnauka, nauka