wezen
onzijdig (het)/ˈwezə(n)/
Wat is de betekenis van wezen?
wezen betekent: (copl) (auxl) (erga) alternatieve onbepaalde wijs van zijn.
Betekenis
werkwoord
- (copl) (auxl) (erga) alternatieve onbepaalde wijs van zijn.
zelfstandig naamwoord
- bestaand individu, inzonderlijk een persoon of dier
- de aard van iets
Voorbeelden van "wezen" in een zin
- Hij zal gezegend wezen.
- Zij was een wonderbaarlijk wezentje.
- Maar Maren zonder kleren is een totaal ander wezen.
- Mijn ogen schoten onzeker alle kanten op, speurend naar kleine bewegingen en donkerharige wezens.
- Dat is het wezen van de schilderkunst.
Etymologie
* [2]: In de betekenis van ‘aard, natuur’ aangetroffen vanaf 1265
Uitdrukkingen
- In wezen — In feite, eigenlijk
- Laten we wel wezen — Laten we er eerlijk over zijn, laten we realistisch zijn
Vertalingen
Engelsbeing, essence
Spaansser, esencia, naturaleza
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek