Wier

onzijdig (het)/wir/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. algen (algen) benaming voor in water voorkomende vaatloze, plantachtige organismen
    Onder wieren verstaat men vele organismen die biologisch tot een aantal zeer verschillende groepen behoren.
voornaamwoord
  1. verouderd (verouderd) genitief vrouwelijk enkelvoud van wie: van wie
    De actrice wier werk bekroond is met die prestigieuze prijs woont in ons dorp.
    Een nieuwe Thea, iemand wier bestaan ik nooit had vermoed.
  2. verouderd (verouderd) genitief meervoud van wie: van wie
    Dit zijn personen wier identiteit wij niet kennen.
    ' Dat verbaasde me - wat voor soort mensen waren dat, wier dood in de krant werd vermeld? 'Dat zijn precies de dingen die kunstdieven in de gaten houden,' zei Reede.
voornaamwoord
  1. verouderd (verouderd) genitief vrouwelijk enkelvoud van wie: van wie
    Wier werk is bekroond met die prestigieuze prijs?
  2. verouderd (verouderd) genitief meervoud van wie: van wie
    Wier identiteiten hebben wij ontdekt?

Etymologie

*: "wie" met de uitgang -er

Vertalingen

Engelskelp, alga, seaweed
Fransalgue
DuitsAlge
Spaansalga