wijking
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het van zijn plaats geschoven zijnIn totaal hebben negen ankers het begeven, waardoor een wijking van 1 tot 1,5 meter over een stuk damwand van 30 meter is ontstaan.
Etymologie
* van wijken
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek