wijnhandelaar

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die wijn koopt en verkoopt
    Hij hield magazijn in het souterrain, waar hij de stellages benutte die nog van de wijnhandelaar Leuchtmann waren geweest.
    Een wijnhandelaar uit Uden heeft een voorwaardelijke taakstraf gekregen voor de koop en verkoop van ruim honderd gestolen flessen champagne. Hij moet daarnaast ruim 7000 euro aan de Staat terugbetalen. Dat geld heeft hij verdiend aan de handel.