wintersportseizoen

onzijdig (het)

Wat is de betekenis van wintersportseizoen?

wintersportseizoen betekent: koude jaarlijkse periode die geschikt is voor het beoefenen van wintersporten

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. koude jaarlijkse periode die geschikt is voor het beoefenen van wintersporten

Voorbeelden van "wintersportseizoen" in een zin

  • Vorig wintersportseizoen landden er tot eind maart 58 gipsvluchten met gemiddeld elf gewonden aan boord op de luchthaven bij Rotterdam en Den Haag.
  • Het wintersportseizoen duurt waarschijnlijk nog tot half april.