wipstaarten

/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een geslacht van zangvogels uit de familie ovenvogels (). Het geslacht telt 15 soorten. De vogels lijken op waterspreeuwen, gedrongen vogels met stevige poten. Ze zijn niet verwant aan de waterspreeuwen en ze hebben lange, soms iets gebogen snavels. Het zijn weinig opvallende vogels met een merendeels bruin gekleurd verenkleed

Etymologie

* "wipstaart" met de uitgang -en