wisseling

vrouwelijk (de)/ˈwɪsəˌlɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het wisselen, de ruil, verruiling
  2. het overgaan van de ene in de andere bijv. eeuwwisseling

Etymologie

* van wisselen

Vertalingen

Engelschange, alteration, conversion
Spaanscambio, conversión, transformación