wit-rus
mannelijk (de)/wɪtˈrʏs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (demoniem) een inwoner van Wit-Rusland, of iemand afkomstig uit Wit-RuslandGeorgiërs, Wit-Russen en Tsjetsjenen strijden aan het Oekraïense front voor een vrij thuisland: ‘Als Oekraïne wint, winnen wij ook’.[https://www.nrc.nl/nieuws/2026/02/18/georgiers-wit-russen-en-tsjetsjenen-strijden-aan-het-oekraiense-front-voor-een-vrij-thuisland-als-oekraine-wint-winnen-wij-ook-a4918789 www.nrc.nl (18 feb 2026)]
Etymologie
* (samenkoppeling) van wit en Rus
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek