Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
witbandleeuweriken
/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (zangvogels) een geslacht van zangvogels uit de familie leeuweriken (). Het geslacht kent de volgende twee soorten
Etymologie
* "witbandleeuwerik" met de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek