Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
witbandzandoog
onzijdig (het)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (vlinders) een dagvlinder uit de subfamilie , bestaande uit de zandoogjes en erebia's. Met een spanwijdte tussen de 68 en 82 millimeter is het een van de grootste dagvlinders van Europa
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek