witgoud

onzijdig (het)/ˈwɪtxɑut/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een legering van goud en palladium
    De ring die ze meer dan twintig jaar geleden kreeg was van witgoud, met een diamant. „Hij is prachtig. Ik was er heel zuinig op, poetste hem regelmatig. Piet was altijd blij dat ik er zo blij mee was.”de Telegraaf SOPHIE KLUIVERS 03 mrt. 2018
    Afrojack vierde op 9 september zijn dertigsteverjaardag, maar was niet de enige die ’shinede’. Volgens de Amerikaanse website TMZ trakteerde de wereldberoemde dj zowel zichzelf als vier van zijn crewleden kettingen met zijn logo, gemaakt van witgoud en diamanten.de Telegraaf 14 sep. 2017
  2. verouderd (verouderd) platina

Vertalingen

Engelswhite gold, platinum