Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
witkopstruikgors
mannelijk/vrouwelijk (de)/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (zangvogels) een zangvogel uit de familie (gorzen). Deze soort komt voor in zuidoostelijk Ecuador en noordwestelijk Peru
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek