wolfsmelk
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) benaming voor planten met saprijke stengels uit het geslacht , een groot en divers plantengeslacht in de wolfsmelkfamilie ()
Etymologie
*, vanwege het giftige melksap in veel soorten; in de betekenis van ‘plantengeslacht’ aangetroffen vanaf 1514
Vertalingen
Engelsspurge
Franseuphorbe
Spaanstitímalo, euforbia, lecheruela
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek