woonde

Wat is de betekenis van woonde?

woonde betekent: enkelvoud verleden tijd van wonen

Betekenis

werkwoord
  1. woorden met boekreferenties enkelvoud verleden tijd van wonen

Voorbeelden van "woonde" in een zin

  • Ik woonde.
  • Jij woonde.

Betekenis en uitleg van woonde

Het woord 'woonde' is de verleden tijd van 'wonen' en verwijst naar het feit dat iemand in het verleden op een bepaalde plek heeft gewoond. Het impliceert een langdurige verblijfplaats, een thuis of een woonomgeving die iemand ooit heeft gekend.

Je gebruikt 'woonde' wanneer je terugblikt op een periode waarin iemand in een specifieke plaats resideerde. Dit kan zowel gaan om een tijdelijk verblijf als om een langdurige woonplek, en het woord kan emotionele of nostalgische connotaties met zich meebrengen. Het is handig in verhalen, herinneringen of geschiedenis om een gevoel van tijd en plaats te creëren.

Voorbeelden

  • Als kind woonde ik in een klein dorpje aan de rand van de bossen.
  • Tijdens mijn studie woonde ik in een studentenhuis met vijf andere jongens.
  • Ze woonde jarenlang in Amsterdam voordat ze naar het platteland verhuisde.

Woordoorsprong

Het woord 'woonde' komt van het Oudnederlandse 'wōnōn', wat 'verblijven' of 'huisvesten' betekent. Het is verwant aan het Engelse woord 'to dwell'.

Veelgestelde vragen over woonde

Wat is de betekenis van woonde?

woonde betekent: enkelvoud verleden tijd van wonen

Hoe gebruik je woonde in een zin?

Voorbeeld: “Ik woonde.