zaaddrager

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. landbouw (landbouw) plant die speciaal vanwege het zaad wordt gekweekt
    Die plant is een zaaddrager en het zaad wordt begin oktober gezaaid.
  2. deel van het vruchtbeginsel van een plant waar de zaden aan vast zitten
    De zaaddrager van de plant was nog niet goed ontwikkeld.