zaadleider

mannelijk (de)/'zadlɛɪdər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een buis waardoor het zaad van de bijballen naar de penis vervoerd wordt
    Op dit plaatje is de plaats van o.a. de zaadleider weergegeven.

Vertalingen

Engelsvas deferens, deferent canal
Franscanal déférent
DuitsSamenleiter
Spaansconducto deferente, ducto deferente