zangbalk
mannelijk (de)/ˈzɑŋbɑlᵊk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (muziek) een balk in de lengterichting bevestigd onder het bovenblad van de klankkast van een snaarinstrumentDe zangbalk zit onder de kamvoet aan de kant van de lage snaren, onder de andere kamvoet zit de stapel.
Vertalingen
Engelsbass bar
Fransbarre d'harmonie
Spaansbarra armónica
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek