Zeekoet

mannelijk (de)/หˆzekut/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. steltloperachtigen (steltloperachtigen) zwart-witte zeevogel, , uit de familie van de
    De zeekoet wordt vaak slachtoffer van in zee terechtgekomen olie.

Vertalingen

Engelscommon guillemot, common murre, thin-billed murre
Fransguillemot de Troรฏl, guillemot marmette
DuitsTrottellumme
Spaansarao comรบn