zeeleeuw
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (roofdieren) grote oorrob, benaming voor dieren uit de onderfamilie
Etymologie
*, in de betekenis van ‘zeeroofdier’ aangetroffen vanaf 1619
Vertalingen
Engelssea lion
Fransotarie
DuitsSeelöwe
Spaansleón marino, otaria
Italiaansleone marino
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek