zeemleer

onzijdig (het)/ˈzemler/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een fijn soort zacht leer oorspronkelijk vervaardigd van gemzenhuid, later van een bepaald deel van de huid van een schaap of lam
    Tegenwoordig wordt zeemleer vaak vervangen door synthetisch materiaal met vergelijkbare eigenschappen.

Etymologie

Uit Middelnederlands seemsch(e)leder, het eerste deel ontleend aan het Franse chamois (gems)

Vertalingen

Engelschamois leather
Franspeau de chamois
DuitsSamischleder
Spaanspiel de gamuza