zeg

mannelijk (de)/zɛx/

Wat is de betekenis van zeg?

zeg betekent: voornamelijk als verkleinwoord een uiting van wat men in een vergadering in te brengen heeft

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voornamelijk als verkleinwoord een uiting van wat men in een vergadering in te brengen heeft
werkwoord
  1. een aankondiging van een voorbeeld
tussenwerpsel
  1. spreektaal (spreektaal) inhoudsloze toevoeging om de rest van de mededeling extra te benadrukken, meestal helemaal aan het begin of juist helemaal aan het eind van de zin of uiting geplaatst
  2. spreektaal (spreektaal) toevoeging om een zekere moeheid/frustratie te uiten

Voorbeelden van "zeg" in een zin

  • Nadat hij eindelijk zijn zegje gedaan had, ging men over tot het volgende punt.
  • De kookpunten van metalen uit het d-blok, zeg wolfraam, zijn bijzonder hoog.
  • Zeg, wat doe jij daar?
  • Dat is een moeilijke vraag zeg!
  • Wat een gedoe, zeg!

Etymologie

*hier komt de etymologie van het woord-->

Uitdrukkingen

  • Zijn zegje doenZijn standpunt uiteenzetten