zichtvermogen

onzijdig (het)/ˈzɪxtfərˌmoɣə(n)/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. eigenschap dat je kunt zien
    Zodra de onderzoekers de dieren in een aquarium plaatsen met op de achtergrond een gestreept patroon, strekken zij hun armen parallel aan de strepen op de wand. (…) De dieren gaan hierbij uitsluitend op hun zichtvermogen af.
    In hun angstige vlucht openden zich hun inktzakken, zodat de vraatzuchtige achtervolgers enige ogenblikken met gestoorde reuk- en zichtvermogens te kampen hadden.
  2. mate waarin je goed kunt zien
    De ziekte tast het gedeelte van de hersenen aan waar waarnemingsinformatie wordt verwerkt. Daardoor vermindert het zichtvermogen, maar ook – in mindere mate – het geheugen.