zichzelf

/zɪxˈsɛlᵊf/

Wat is de betekenis van zichzelf?

zichzelf betekent: derde persoon enkelvoud en meervoud, versterkte vorm van zich

Betekenis

voornaamwoord
  1. derde persoon enkelvoud en meervoud, versterkte vorm van zich
  2. tweede persoon enkelvoud en meervoud beleefdheidsvorm, versterkte vorm van zich

Voorbeelden van "zichzelf" in een zin

  • Hij bekeek zichzelf in de spiegel.
  • In de garage stonden honderden resupplydozen met voedsel die hikers aan zichzelf hadden gestuurd.
  • Heeft u zichzelf wel eens in de spiegel bekeken?

Etymologie

* In de betekenis van ‘wederkerend voornaamwoord’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1515

Vertalingen

Engelsoneself, himself, herself
Fransse
Duitssich, sich selbst
Spaansse
Italiaanssi