ziekeninrichting

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plaats waar men zieken verpleegt en behandelt
    Parmessar stapte in 2002 op als directeur van het Academisch Ziekenhuis na gedurende een periode van zeven jaar het vertrouwen in de ziekeninrichting te hebben hersteld door goed management.