ziekte
vrouwelijk (de)/ˈziktə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) een gezondheidsprobleemDeze ziekte is goed te genezen.Hoe durft ze ... tegen Sinterklaas! dacht Pietje. Maar Sint zei: 'Goede vrouw, ik heb gehoord dat u toverdranken kunt maken die mens en dier genezen van ziekte.De ziekte zit in haar familie.
Etymologie
*Afgeleid van ziek .
Vertalingen
Engelsdisease
Fransmaladie
DuitsKrankheit
Spaansenfermedad
Italiaansmalattia
Poolschoroba
Zweedssjukdom
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek