zielenknijper
mannelijk (de)/ˈzilə(n)ˌknɛipər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (beroep) (pejoratief) psycholoog, psychiaterHij was weer eens naar de zielenknijper geweest.
Etymologie
*Samenstellende afleiding van ziel en de stam van knijpen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek