Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

zika

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch, virussen (medisch) (virussen) een flavivirus en arbovirus dat de ziekte zikakoorts veroorzaakt

Etymologie

*Afgeleid van Zikawoud (Entebbe, Oeganda), een bos in Afrika waar het virus voor het eerst werd aangetroffen