zilverspar
mannelijk (de)/ˈzɪlvərˌspɑr/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (coniferen) benaming voor naaldbomen uit het geslachtIn Europa komen zilversparren voornamelijk in de Alpen en Bohemen en op de Balkan in het wild voor.
Vertalingen
Engelsfir
Franssapin
DuitsTanne
Deensædelgran
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek