zone
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈzɔːnə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bepaald gebied dat is afgebakend van aangrenzend gebiedDe zone achter de auto was afgezet.
Etymologie
*via """ of direct via Latijn "zona" van "ζώνη" (zóónè) "gordel", in de betekenis van ‘streek’ aangetroffen vanaf 1595
Vertalingen
Engelszone
Franszone
DuitsZone
Spaanszona
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek