zwakzinnige
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- geestelijk gehandicapteVoor zwakzinnigen zijn speciale voorzieningen in de meeste landen.Als er gedoe in de LPG was en Püppi zich thuis als een zwakzinnige gedroeg en Elena niet wilde inzien dat kinderen duidelijke grenzen nodig hadden.Priddy, een man met glad achterovergekamd haar, stond als arts aan het hoofd van de Virginia State Colony voor epileptici en zwakzinnigen.
Etymologie
*Afgeleid van zwakzinnig
Vertalingen
Spaansimbécil, idiota
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek