zwartheid
vrouwelijk (de)/xxxx/
Wat is de betekenis van zwartheid?
zwartheid betekent: donkerheid
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- donkerheid
- somberheid
- zwartgalligheid
- snoodheid
- schandelijkheid
Voorbeelden van "zwartheid" in een zin
- Met zijn hoevelen waren ze? En wat zagen ze wanneer ze in deze zwartheid keken? Haar hand bewoog zich over haar riem en ze liefkoosde de gasfles die eraan hing.
Etymologie
* Afgeleid van zwart
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek