zweetgeur
mannelijk (de)/ˈzwetxør/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- geur van zweetZe vertelde me uitgebreid dat ze zo van het hiker season hield, wanneer er talloze mensen (‘…met die heerlijke zweetgeur’) in haar achtertuin verbleven.
Vertalingen
Engelsbody odour
DuitsSchweißgeruch
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek