zwendelaar
mannelijk/vrouwelijk (de)/'zʋɛndəˌlar/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- bedrieger, oplichter (die op frauduleuze wijze geld of goederen verkrijgt)De zwendelaar heeft de bank voor duizend euro opgelicht.
Etymologie
* van zwendelen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek