Bobby

mannelijk (de)/ˈbɔbi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. ordehandhaving, informeel (ordehandhaving) (informeel) Engelse politieagent
    Een bobby draagt een typische helm, een wapenstok maar geen vuurwapen.

Etymologie

*(eponiem), van "bobby", koosnaam voor "Robert", de voornaam van de 19e-eeuwse Britse minister van Binnenlandse Zaken, reorganisator van de Engelse politie