Charisma
onzijdig (het)/xa'rɪsma/
Wat is de betekenis van Charisma?
Charisma betekent: persoonlijke uitstraling
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- persoonlijke uitstraling
Voorbeelden van "Charisma" in een zin
- Bij de presidentiële verkiezingen bleek charisma het te winnen van ervaring.
- Deze ‘Pogue Mahone’ (‘kiss my arse’ in Gaelic) leek sprekend op de ‘The Dude’ uit de film ‘The Big Lebowski’ met zijn relaxte houding en opvallende charisma.
Etymologie
*Van Grieks charisma (genadegave). Van charizomai (iemand welgevallig zijn). Van charis (genade, schoonheid). Verwant met chairein (zich verheugen).
Vertalingen
Engelscharisma
Spaanscarisma
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek