Dorp
onzijdig (het)/ˈdɔrᵊp/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- kleine, permanente nederzettingVan de wereldbevolking woont een steeds kleiner deel in dorpen.Vooral de secundaire informatie van Guthook was voor mij van groot belang. Alle relevante informatie over de trail werd aangegeven, zoals geschikte slaapplaatsen, wegen, dorpen en alle waterbronnen.
Etymologie
* In de betekenis van ‘plattelandsgemeente’ aangetroffen vanaf 701
Uitdrukkingen
- De kerk in 't midden (van het dorp) laten ( of houden)
- Het kan beter van de stad dan van het dorp
- In goede dorpen zijn/geraken — zoveel verdiend hebben dat iemand niet meer hoeft te werken
Vertalingen
Engelsvillage
Fransvillage
DuitsDorf
Spaanspueblo
Koreaans마을
Poolswieś
Zweedsby
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek