Kamerlidmaatschap
onzijdig (het)/ˈkamərˌlɪtmatˌsxɑp/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (politiek) status van parlementariër
- (Nederland) positie als lid van de Tweede of Eerste Kamer der Staten GeneraalDeze Tweede Kamerverkiezingen zouden we ons niet alleen moeten amuseren met de regenboog van karakters en debatten, maar het ook over de zwakke positie van het Kamerlidmaatschap zelf moeten hebben.Wie zitten er de komende vier jaar in de senaat? Hoeveel petten hebben ze op naast hun Kamerlidmaatschap?
- (België) positie als lid van de Kamer van volksvertegenwoordigersVanzelfsprekend mag, overeenkomstig artikel 6 van de Deontologische code van de leden van de Kamer van volksvertegenwoordigers, geen betaling onder enige vorm worden aanvaard voor activiteiten die deel uitmaken van de normale werkzaamheden eigen aan het Kamerlidmaatschap of -voorzitterschap.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek