Koster
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (beroep) kerkelijke bediende, die met de zorg van het kerkgebouw, en het vlot verloop van de kerkdiensten belast is
Etymologie
* Leenwoord uit het middeleeuws Latijn, in de betekenis van ‘kerkbewaarder’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1200
Vertalingen
Engelssexton, verger
Fransbedeau, sacristain
DuitsKüster, Kirchendiener, Kierchendienerin
Spaanssacristán
Italiaanssagrestano, sagrestana
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek